DGC de Vallei 033 - 286 32 76
Evidensia Dierenziekenhuis Nieuwegein 030 - 202 70 70
Dierenkliniek de Arker 033 - 246 25 26

Ontwormingsadvies

Ontwormingsadvies

Het is belangrijk uw dier regelmatig te ontwormen.

Interne parasieten (wormen) zijn een veel voorkomend probleem. Bij de hond en de kat komen verschillende wormen voor.

Heeft mijn dier wormen?

Of een dier wormen heeft, kan je aan de buitenkant van het dier vaak niet zien.  Bij een hele zware besmetting worden soms wel wormen gevonden in braaksel of ontlasting. Dat u niets ziet aan uw huisdier wil dus niet zeggen dat uw hond of kat geen wormbesmetting heeft.

Door middel van ontlastingsonderzoek, waarbij wormeieren worden aangetoond onder de microscoop, kunnen wij op de kliniek een worminfectie bij uw dier vaststellen. Eieren van parasieten worden echter in sommige gevallen intermitterend uitgescheiden, oftewel met onderbrekingen. Er is dus een kans dat de eieren niet worden aangetoond terwijl het dier wel een besmetting heeft.

Wij kunnen ook de ontlasting van uw dier opsturen naar een laboratorium voor een test op rondwormen, haakwormen, zweepwormen en Giardia m.b.v. ELISA voor fecaal antigeen. ELISA voor fecaal antigeen detecteert parasieten in het prepatente stadium, waardoor het probleem van de intermitterende productie van eitjes niet aan de orde is en de frequentie van omgevingsbesmetting met eitjes afneemt.

Door eerst te testen of er darmparasieten aanwezig zijn bij uw hond of kat, wordt onnodig ontwormen voorkomen.

Waarom ontwormen?

Een wormbesmetting kan vervelende tot zelfs ernstige gevolgen hebben voor uw hond of kat zoals: diarree (met bloed), verstopping, achterblijvende groei, braken, bloedarmoede en een doffe vacht. Bovendien kunnen wormen van dier op mens overgaan en veroorzaken een zogenaamde zoönose. Een worminfectie kan zelfs gevaarlijk zijn voor kinderen. Het is dus van belang om uw dier regelmatig te ontwormen.

Hoe vaak ontwormen?

Hoe vaak uw dier ontwormd moet worden hangt af van een aantal factoren. Er zijn vier risico groepen gemaakt:

Groep A

  • De dieren in deze groep komen niet buiten of komen wel buiten maar hebben geen contact met park, zandbak, ontlasting van soortgenoten, speelweide, rauw vlees, slakken of prooidieren.
  • Advies: één tot twee per jaar ontwormen tegen spoelwormen.

Groep B

  • De dieren in deze groep komen buiten en hebben wel direct contact met ontlasting van soortgenoten, park zandbak of speelweide.
  • Advies: vier keer per jaar ontwormen tegen spoelwormen.

Groep C

  •  De dieren in deze groep komen buiten, komen in contact met prooidieren en/of slakken en/of gaan mee op jacht en/of eten rauw vlees.
  • Advies: vier tot twaalf keer per jaar ontwormen tegen spoelwormen afhankelijk van de mate van opname van rauw vlees/prooidieren

Groep D

  • De honden in deze groep wonen in het gebied waar de vossenlintworm voorkomt (bv. Zuid-Limburg of Oost-Groningen) en eten prooidieren en/of gaan mee op jacht.
  • Advies: maandelijks ontwormen tegen lintwormen, voor ontwormingsadvies tegen spoelwormen volg overige vragen.

Ontworming pups en kittens

Pups

  • Op een leeftijd van twee, vier, zes, acht en tien weken, daarna maandelijks tot een half jaar leeftijd
  • Zogende teven tegelijk met de pups ontwormen

Kittens

  • Op een leeftijd van drie, vijf en zeven weken, daarna maandelijks tot een half jaar leeftijd
  • Zogende poezen tegelijk met de kittens ontwormen
Terug naar Columns